enquete
 
Bekkema
 
warrenhove
 
damhus
 
bewegingscentrum
 
abd pluskrant banner
 
humanitas
 
museumdr8888
 
smelneserfskip
 
meldij
 
rebbers
 
Uitinmedia

 Lindeboom

 

nieuwsbrief sunenz
Ik heb jou heel de avond nagelopen
Maar jij deed net alsof je mij niet ken
En als je omkeek ben ik weggekropen
Omdat ik weet dat ik zo lelijk ben
Voor je mij zei dat je me graag mocht lij'en
Had ik nog maling aan mijn scheve nek
Ik dacht dat toch geen mens met mij wou vrijen
Want mooie meissies zijn 't meest in trek
Voor jou had ik mijn bloesie aangetrokken
Droeg ik m'n hoedje van de modeplaat
Maar voor een winkelruit ben ik geschrokken
Toen 'k zag hoe lelijk mij die rommel staat
Al rook ik niet zo lekker als een dame
Je hebt me helemaal niet aangeraakt
Je zat je voor mijn lelijkheid te schamen
Je hebt me dronken in een kroeg gemaakt
En toen ik niks kon zien en niks kon horen
Ben jij 'm stiekem met m'n geld gesmeerd
En met de gouwe bellen uit mijn oren
Moest ik betalen wat je had verteerd
Al droeg ik grove keukenmeidenkleren
Al was je vies van zo'n mismaakte meid
Mijn arme centjes wou je wil verteren
Mijn hele spaarbankboekje ben ik kwijt
Ik ben te lelijk om me te verkopen
Ik ben te dom om zo gemeen te doen
Daarom ben ik 't water in gelopen
Adieu, vaarwel, ik eindig met een zoen
Koos Speenhoff (1869-1945)