enquete
 
Bekkema
 
warrenhove
 
damhus
 
bewegingscentrum
 
abd pluskrant banner
 
humanitas
 
museumdr8888
 
smelneserfskip
 
meldij
 
rebbers
 
Uitinmedia

 Lindeboom

 

nieuwsbrief sunenz

Mijn geliefde met wie ik zeven jaar zielsgelukkig ben geweest was rustend landbouwer, zo heet dat. Hij had een bedrijf gehad in het noorden. Zoals gebruikelijk werd er tussen de middag warm gegeten. Tot de kinderen naar de middelbare school gingen, toen werd het ’s avonds warm en dat is zo gebleven, ook toen hij niet meer werkte. Gelukkig, want ik heb mijn leven lang nog nooit tussen de middag warm gegeten en dat wens ik wel zo te houden. Gewoonte…

Die avondmaaltijd van ons samen was een klein feestje. Soms stonden we beide in de keuken voor de maaltijd te tuttelen, zonder dat wij de behoefte hadden elkaar de hersens in te slaan, Hij was iedere keer weer verbaasd dat dat kon, samen in de keuken. Ik ook. Want toen zijn vrouw ziek werd kon hij nog niet eens het gas aansteken, gaat het verhaal. We aten iedere dag een voorgerecht. Ik ben niet van de soep, ook niet van de toetjes trouwens. We aten een Griekse salade, groene sla met olijven, feta, veel knoflook en een mooie dressing. Ik ben inmiddels weer ruim tien jaar alleen, nog steeds eet ik een groene salade vooraf, nu zonder olijven en feta. Gewoonte...

We hebben allemaal onze gewoonten, opgebouwd vanuit onze jeugd en een werkzaam leven. Gewoonten geven structuur aan de dag, je hoeft niet iedere dag te bedenken en beslissen of en wanneer je opstaat, naar je werk gaat, dat doe je gewoon. We hebben niet altijd zelf voor zo’n gewoonte gekozen; je dagindeling, zoals je tijd van opstaan en naar bed gaan, wordt bepaald door het tijdstip waarop je op je werk moet zijn, hoe laat je je kinderen fris gewassen en gestreken klaar moet hebben voor school, ook de tijd van de hoofdmaaltijd wordt daardoor bepaald. Je woonsituatie, appartement of herenhuis met tuin, bepaalt hoeveel tijd je moet besteden aan het onderhoud van je huis. De ‘macht der gewoonte’ regelt een heel stuk van onze dag zonder dat we daar bewust voor kiezen. Gelukkig maar want anders moesten we daar ook nog voortdurend bij nadenken.

Dat wordt allemaal anders als je tot de ouderen gaat behoren. Je hoeft een heleboel niet meer; je kinderen zijn de deur uit, je hoeft niet meer naar je werk, je kunt je dag naar believen indelen, opstaan en naar bed gaan wanneer het jou uitkomt, je kunt eten wanneer je zin hebt – of niet - en je mag ’s nachts naar de buis kijken als die beroemde oude film op een onmogelijk tijdstip wordt uitgezonden.

Maar als plusser krijg je wel zowat dagelijks te horen wat je allemaal wėl moet. Bewegen, iedere dag minstens een half uur lopen, gezond eten, je sociale contacten onderhouden, graag ook wat vrijwilligerswerk doen en vooral bewegen. Dat vraagt aardig wat discipline. Vooral als je pas tot de pensionado’s behoort is het heel verleidelijk om alles anders te doen dan in een leven van plichten. Dat mag je jezelf best gunnen, een poosje. Dan merk je dat je vanzelf terugvalt op sommige gewoonten.

Het loont om je gewoonten eens kritisch onder de loep te nemen. Want je tijd is kostbaar aan het worden. Hoe zinvol is het dat je iedere dag stofzuigt. En moet je de krant nu echt van achter tot voor helemaal lezen? Ik zal niet de enige zijn die de sportpagina’s overslaat! Wat zijn de dingen die je eigenlijk nog zou willen doen, waar je naar verlangde toen je nog werkte? Het loont om iets nieuws op te pakken en uit te vinden of  het iets voor jou is, nieuwe gewoonten aan te wennen. Wat vindt u nou echt leuk, waar bent u nieuwsgierig naar? Nooit te oud om te leren, dat is ook zo’n motto dat wij regelmatig te horen krijgen. Ik ben het daar hartgrondig mee eens.

Wat vindt u?