enquete
 
Bekkema
 
warrenhove
 
damhus
 
bewegingscentrum
 
abd pluskrant banner
 
humanitas
 
museumdr8888
 
smelneserfskip
 
meldij
 
rebbers
 
Uitinmedia

 Lindeboom

 

nieuwsbrief sunenz

roel oostra kopieDe humor ligt op straat wordt vaak gezegd door beroepsgrappenmakers die als vak hebben het mensdom de zorgen van al den dag eventjes te doen vergeten. Maar soms ligt de humor ook wel eens in de slootswal. Het gebeurde een paar weken terug. En let wel, het is niet uit mijn duim gezogen maar verteld door onze zeer betrouwbare schoonzoon en zijn overbuurvrouw Alie. Dochter en haar man wonen aan de Tsjoele, een landweg aan de verre buitenkant van Gorredijk, zo’n beetje tegen de rand van Jubbega aan. Onze schoonzoon, laten wij hem Jacques noemen want zo heet hij, was op een mooie namiddag voor in de tuin bezig de heg wat te fatsoeneren, wat onkruid te trekken en waarschijnlijk floot hij vanwege het mooie weer tevreden tussen zijn tanden door, want dat kan hij goed. En, zoals gezegd, het was schitterend weer en dan is het goed toeven in dit stukje Opsterland.

Plotseling hoorde hij luid piepende remmen, een paar ‘batsen’ en zag een mens door de lucht vliegen. “Ja”, vertelde hij, “ik zag hem echt door de lucht vliegen en hoorde hem met een klap in de berm landen.” Hij draafde vanuit zijn tuin naar de weg en zag dat een geheel in leer gehulde figuur bezig was zijn motorfiets uit de bijna droge sloot te trekken. Overbuurvrouw was ook op het geluid afgekomen en ze vroegen de man bezorgd of alles goed met hem was. Maar hij reageerde nergens op en stond maar aan zijn motor te prutsen.

Alie spreekt Fries, onze schoonzoon helemaal niet, maar samen konden ze geen antwoord uit hem trekken. En de motor wilde niet verder. Toen zette de man zijn grote motorhelm af en daaronder vandaan kwam het zwarte hoofd van een, wat tegenwoordig een allochtoon heet te zijn, maar wat vroeger gewoon een neger genoemd werd. Aha, dachten zowel Jacques als Alie: een buitenlander, de man verstaat ons niet en begonnen in hun beste Engels naar zijn toestand te informeren. Maar weer kwam er geen reactie. Ook op een schoolwoordje Frans niet.

Nee, de man keek hen vriendelijk aan, trok een paar ritsen van zijn leren omhulsel open en haalde uit één of andere binnenzak een mobieltje te voorschijn. Tikte een nummer in, kreeg verbinding en zei: “Hé Hindrik, ik bin hjir krekt bûten de Gerdyk mei de motor oer de harsens gongen en kin him net wer oan de gong krije. Kinst my even ophelje?”

Roel Oostra

roel oostra kopieTerreur

Er is een tijd geweest, geachte lezer(es), dat geluid versterken bestond uit een grote toeter waardoor geschreeuwd moest worden. Er is een tijd geweest dat de destijds beroemde sextet The Comedian Harmonists een grote hal alleen met hun stemmen vulden en dat bij recepties en partijen een enkele pianist leuk voor achtergrondmuziek zorgde zodat je ook nog eens een woordje met je tafelgenoten kon wisselen.

Er is een tijd geweest dat acteurs zo goed articuleerden dat ze ook op de achterste rijen prima te verstaan waren. Er is een tijd geweest dat het plaatselijke harmonieorkest  vanuit een muziektent een leuk concert gaf zonder het hele dorp erbij te betrekken en dat je gezellig op muziek van een echt orkestje een dansje kon maken en daarbij ook nog wat kon praten. Ja, ja, zo was het eens. Dat moet een zalige tijd zijn geweest.

Toen werd de geluidversterker uitgevonden. Eerst  in simpele uitvoering maar ingenieuze verbeteringen volgden (en volgen) nonstop . En het basvolume werd zwaar, zwaarder, zwaarst. Nu denkt u misschien dat ik de pest aan al die moderne uitvindingen heb. Absoluut niet, ik ben dankbaar dat ik al die onvoorstelbare toestanden van televisie, telefoon, Tom Tom en noem maar op, mag meemaken. Geweldig!  Ook de simpele versterker van geluid is een prachtige uitvinding.  Alleen moet die gebruikt worden en niet misbruikt. Zo is het toch met alles? Met een vliegtuig kun je schitterend over de wereld vliegen, maar je kunt er ook bommen mee op steden gooien. Het is maar hoe je het spul gebruikt.

Het is toch van de gekke dat bijvoorbeeld bij musicals heel vaak de tekst, waar het toch om gaat, onverstaanbaar wordt door het volume van het begeleidend orkest? En niet alleen in zalen maar ook in openbare ruimtes wordt vaak veel te veel lawaai geproduceerd. Onlangs zongen onze Peijesjongers op het Museumplein, heel aangenaam. Ze werden afgewisseld door een band met de ordinaire naam De Sadelrûkers, niet te harden! Er  zijn weer een paar zogenaamde concerten, Dencity bijvoorbeeld, op het Kiryat Ono Plein aangekondigd. Tot in het absurde heeft de regering regels gesteld ter bevordering van de volksgezondheid. Lawaai schijnt voor de politiek echter niet te behoren tot een risicofactor hoewel de schade aan het gehoor van jongeren, zoals uit recente onderzoeken blijkt, aanzienlijk is. De heren Schoonenberg en Oosterhof wrijven zich al vergenoegd in de handen.

Roel Oostra

Op de voorpagina van Breeduit 7 januari 2010 stond een grote foto van onze vertrekkende wethouder Fred Veenstra, handenschuddend met Sipke Zoodsma, oud-voorzitter van de CDA-fractie. En als geïnteresseerde zwevende kiezer dacht ik: Wat zou het mooi zijn als bij deze foto stond dat hij Fred veel geluk en succes in Franeker wenste en Fred zijn waardering uitsprak dat Sipke zijn wethouderschap tot de verkiezingen wilde waarnemen. Fout gedacht Ons dorp trekt een ex-bestuurder uit Harlingen aan tot 3 maart plus een paar weken tot het nieuwe college is geformeerd. Dus voor ongeveer twee maanden. TWEE MAANDEN! Begrijpt u dat?


roel oostra kopieNu weet ik niet of de heer Zoodsma voor deze functie is gevraagd, ik denk het niet. Hij is nog steeds zeer betrokken bij de gemeentepolitiek en heeft een paar jaar geleden met pijn in het hart, vrijwillig zijn plaats ingeruimd voor laat ik maar zeggen, ‘de jeugd’. Onlangs heeft hij, zo las ik in Breeduit, het voorzitterschap van de adviesraad voor senioren (de SAR) overgedragen. Hij is nog van alles op de hoogte. Nee, het lijkt mij niet dat Zoodsma is gevraagd. Ik moet toegeven niet thuis te zijn in het politieke spel. Daarom ben ik ook een zwevende kiezer. Ga wel trouw naar de stembus, anders durfde ik dit stukje niet te schrijven. Maar ik blijf het vreemd vinden een bestuurder uit een kleine gemeente voor twee maanden naar Smallingerland te halen. Zo’n man heeft, ook al kijkt hij fris tegen alles aan en al is het nog zo’n verstandige knaap, wel twee maanden nodig om zich enigszins in te werken.

Mijn klomp brak helemaal toen ik in een krant las dat de huidige fractievoorzitter van het CDA deze benoeming verdedigde met de opmerking: “Wij zoeken een zeer ervaren bestuurder, niet een lokalo!” Nou, ik denk dat de mensen die straks op de CDA kieslijst staan blij zijn met deze opmerking. Om als een stelletje lokalo’s te worden geadverteerd. Enfin, ik hoop oprecht dat de heer Waaijer een mooie tijd heeft in ons college en de gerechtelijke Omrinkwestie even op de lange baan wordt geschoven. Want een kennis uit Harlingen vertelde me dat de heer Waaijer ook een functie als bestuurslid Afvalverwerking Friesland heeft en dat die stichting afvalverwerking, zij het met dunne draadjes, aan Omrin vastzit. U weet dat Smallingerland uit die organisatie is gestapt met als gevolg dat Omrin een paar miljoen claimt inzake contractbreuk. Wat uiteraard door onze gemeente wordt bestreden.

Misschien een leuk puntje op komende B&W vergaderingen. En stel dat de heer Waaijer, die fris tegen alles aankijkt en een zeer verstandig man is nu eens . . . Maar daar heb ik ‘t een paar weken geleden al over gehad.
Roel Oostra